Heleen over de Linden becommentarieert de vraag hoe kansrijk de zaak is die de Russische Centrale Bank heeft aangespannen ten overstaan van het Hof van Justitie in Luxemburg (Case T-170/26). Samengevat komt het erop neer dat de RCB van mening is dat het besluit van de Raad om de bevroren tegoeden van de RCB voor onbepaalde tijd vast te zetten onwettig is.
De zaak richt zich tegen: “EU Council Regulation of 12 December 2025 on emergency measures addressing the serious economic difficulties caused by Russia’s actions in the context of the war of aggression against Ukraine”.
bnr.nl/gemist
